Vandaag stond één van de langere ritten van dit seizoen op het programma, naar de vallei van God dit keer. Raadpleging van de route vooraf leverde bij de scribent van dit stukje proza (een quote veelal gebezigd door Ronald Waterreus in zijn column in dagblad De Limburger) een aantal onbekende stukken op, reden des te meer om deze route eens te rijden. Hulde aan de geestelijk vader (waarschijnlijk Huib) voor deze mooie route. Maar eerst moest er natuurlijk nog gestart worden op het Hingen. Het weer, altijd belangrijk bij een buitensport, was niet echt uitnodigend. Er hingen donkere wolken boven het Village Départ en het druppelde ook licht. Maar volgens de weerapps zou het droog blijven. Wat ook niet bemoedigde was het hoge Beaufort-cijfer van Jan de wind. Alles optellend en rekening houdend met bovengenoemde variabelen stonden er op het Hingen om 10.00 uur…..welgeteld 2 deelnemers, te weten Jo V. en Chris. De vraag die hardop werd uitgesproken was; wat zullen we doen?. Ze besloten om stoïcijns de route te gaan rijden zoals gepland. Beiden konden een training nog goed gebruiken aangezien ze allebei de in de komende weken afreizen naar de Franse Alpen voor een fietsvakantie. De eerste 60 km is een vlakke aanloop recht naar het zuiden tot in Mesch. Door de harde tegenwind voelde het echter of ze al zolang een bergetappe aan het rijden waren. In Mesch begon het glooiende gedeelte van de rit waarbij ze Mesch weer verlieten voor een mooi betonnen fietspad dat hun uiteindelijk en na een paar honderd hoogtemeters, met name door een flinke klim in St Jean Sart deed belanden. De afdaling die we al vaker in omgekeerde richting hebben gereden vanuit Val Dieu, bracht hun, inderdaad, naar Val Dieu. Daar staken ze de grote weg over om via een langere klim aan de overkant de top van het plateau te bereiken. Via een grote boog linksom bereikten ze Aubel waarna ze via de klim naar Hagelstein uit het gat klauterden waarin Aubel ligt. Vervolgens ging het een stukje richting de Planck maar de route dirigeerde rechtsaf richting Sinnich. Chris merkte op dat het wel heel lekker voelde om eens met de wind in de rug én bergaf zonder spanning op de benen een stukje te kunnen peddelen. En inderdaad; tot dan toe was het ófwel tegenwind ófwel bergop gegaan. Slenaken waren ze in een vloek en zucht in en uit waarna het onder aan de Piemert rechtsaf ging richting Euverem en zo naar de rijksweg Margraten-Gulpen zeg maar. Op de vraag waar ze het onderweg zoal over hebben gehad kan ik kort zijn; over bijna niks. Ze hadden namelijk al in Dieteren of Baakhoven besloten om afwisselend op kop te rijden; 5 km op en dan weer 5 km in de wielen om enigszins krachten te kunnen sparen. Chris hield de kilometers in de gaten omdat Jo navigeerde via de Garmin en zijn andere kilometertellertje een storing had (is inmiddels weer verholpen). Een paar keer zijn ze gestopt om een beetje op het gemak iets te kunnen eten en de belevenissen onderweg even kort te bespreken. Bij die Rijksweg dus ging het linksaf vies vals plat en met harde tegenwind omhoog, best zwaar dus. Maar de beloning was dat bij het inrijden van Margraten gelijk rechtsaf werd gedraaid en ze al boven aan de Ingbergrub kwamen; die hoefden ze dus niet meer op. Via de mooie bekende weg door Scheulder, Ijzeren en Sibbe besloten ze bij het station in Valkenburg nog even halt te maken door water te tanken en nog iets te eten. Vervolgens stond Ravensbos nog als laatste klim op het programma die zij aan zij werd bedwongen zeg maar. Daarna waren de moeilijkere stukken voorbij en konden ze een een hoger tempo met stukken min of meer wind mee het laatste stuk van de rit door Spaubeek, Geleen, Sittard enzovoorts afleggen. Op het Hingen besloot Chris collegiaal ook even een versnapering te pakken bij Nicole op het terras, lekker in de zon en uit de wind, heerlijk na zo’n zware rit na 130 km. Even later kwamen Ingmar en Lyon als overblijvers van de middagrit ook plaatsnemen op het terras en werd ook hun rit nog even besproken. Toen Charles Leclaire zijn Ferrari in de muur plantte was het voor Lyon en Jo die nog als laatsten waren blijven hangen, tijd om naar huis te gaan want het repareren van die muur gaf hun de tijd om het einde van de kwalificatie thuis te kunnen volgen. Uiteindelijk zijn de ritten dus prima verlopen, maar het was wél hard labeur, in elk geval voor Chris en Jo maar waarschijnlijk ook voor de middagploeg met name door de harde wind.
A Vous Hilversoem
De Razende Reporter